PARAMARIBO — De Vereniging van Inheemse Dorpshoofden in Suriname (VIDS) heeft vandaag officieel een petitie overhandigd aan het Kabinet van de President. Tijdens de overdracht, waarbij Luca Karseri optrad namens de werkgroep Gronderechten en Decentralisatie, werd een krachtig signaal afgegeven aan president Jennifer Simons. De inheemse dorpshoofden, die op 28 and 29 augustus 2026 in Paramaribo bijeenkwamen, eisen dat de regering de nieuwe 'Wet bescherming woon- en leefgebieden' niet afkondigt. Volgens de organisatie betekent deze wet een enorme achteruitgang voor de rechtspositie van de oorspronkelijke bewoners van Suriname.
In de petitie worden acht fundamentele bezwaren tegen de wet opgesomd. Het grootste pijnpunt is dat de overheid de inheemse gebieden in de wet nog steeds beschouwt als domeingrond van de staat. De VIDS benadrukt dat hun traditionele collectieve grondgebieden eigendomsgronden zijn. Dit recht is herhaaldelijk bevestigd door internationale wetten en duidelijke vonnissen van het Inter-Amerikaans Hof voor de Mensenrechten tegen de Staat Suriname. De organisatie pikt het niet dat de staat hen blijft behandelen als individuele burgers in plaats van als volken, en spreekt van een koloniale denkwijze van de regering.
"Een straal van 5 of 10 kilometer beschermt ons niet"
De inheemse leiders verwerpen de voorgestelde beschermingszones in de wet van de hand. De wet wil een straal van 5 tot 10 kilometer rondom de dorpen beschermen, maar dat komt volgens de VIDS totaal niet overeen met de historische gebieden die zij van hun voorouders hebben geërfd en waarvan zij afhankelijk zijn voor hun cultuur en identiteit. "Wij leven niet in een straal van 5 kilometer", stelt de organisatie resoluut. De dorpshoofden hebben zelf gedetailleerde landkaarten van hun gebieden gemaakt, maar de overheid heeft deze volledig genegeerd.
Daarnaast weigeren de inheemsen akkoord te gaan met een staatsbesluit waarvan de inhoud hen geheim wordt gehouden. De angst is groot dat de wet inheemse gebieden zal veranderen in kleine reservaten, net zoals dat in andere landen is gebeurd. Alles wat buiten de kleine beschermde zones valt, wordt door deze wet namelijk vogelvrij verklaard als vrije domeingrond voor derden. De VIDS klaagt dat de rechten van buitenstaanders en illegale gronduitgiften opnieuw voorrang krijgen boven de rechten van de inheemse volken. Onrechtmatig uitgegeven concessies binnen hun leefgebieden worden met deze wet juist achteraf goedgekeurd door de staat.
Eis voor wettelijke erkenning en verankering in de grondwet
De VIDS wijst er verder op dat de wet geen enkele bescherming biedt tegen milieurampen die van buitenaf komen. Als voorbeeld noemen zij de recente zware kwikvergiftiging van de Marowijnerivier en de Saramaccarivier, die de inheemse dorpen hard heeft getroffen. Ook ontbreekt elk toezicht op de naleving, terwijl het publiek geheim is dat er op de ministeries nog altijd onderhandse en dubbele gronduitgiften plaatsvinden. De inheemse gemeenschappen eisen daarom de volledige uitvoering van de bekende Kaliña- en Lokono-vonnissen.
De VIDS stelt dat de strijd niet alleen over een stuk grond gaat, maar over hun totale voortbestaan, waardigheid en rechtvaardigheid. Zij eisen dat hun collectieve rechten onmiddellijk en volledig worden erkend en strak worden verankerd in de Surinaamse grondwet, die hen tot nu toe nooit heeft erkend. De dorpshoofden blijven bereid tot overleg met president Simons, maar waarschuwen dat zij een verdere achteruitgang van hun rechten niet zullen accepteren. Zij beloven hun voorouderlijke gebieden vreedzaam maar krachtig te blijven verdedigen met alle nationale en internationale juridische middelen die hen ter beschikking staan.




Geen opmerkingen:
Een reactie posten