GEORGETOWN — De politieke situatie in buurland Guyana vertoont volgens internationale waarnemers en de gezamenlijke oppositie steeds openlijker de dictatoriale kenmerken van een politiestaat. Onder leiding van president Irfaan Ali en vicepresident Bharrat Jagdeo treden de veiligheidsdiensten met harde hand op tegen elke vorm van maatschappelijke onvrede en vreedzaam protest. Het systematisch inperken van grondwettelijke rechten heeft na de recente scheepsramp met de MV Barima een kritieke fase bereikt.
De afgelopen 24 uur hebben de spanningen in het binnenland een nieuw dieptepunt bereikt. De politie kreeg rechtstreeks opdracht om oppositieparlementsleden Dawn Hastings-Williams en Tabitha Sarabo-Halley de toegang te ontzeggen tot de inheemse gemeenschap Moruca in Regio 1. De volksvertegenwoordigers waren onderweg om lokale bewoners te ondersteunen die wilden demonstreren tegen de komst van president Ali. Dit incident volgt op een reeks eerdere ingrepen waarbij kritische burgers, onder wie een vrouw met een protestbord en een DNA-lid dat met een drone zocht naar slachtoffers in de rivier, standrechtelijk werden gearresteerd.
Grondwet buitenspel gezet door ministeriƫle bevelen
De Caribische regio en de wereld kijken met diepe bezorgdheid naar de ontwikkelingen in Georgetown. Critici binnen de diaspora en de University of Guyana (UG) wijzen erop dat de fundamentele pijlers van de democratie — waaronder de vrijheid van beweging, de vrijheid van meningsuiting en het recht op vreedzame vergadering — stelselmatig worden genegeerd door het zittende regime. Ministers binnen het kabinet-Ali bezitten de feitelijke macht om de politie rechtstreeks operationele opdrachten te geven om politieke tegenstanders te intimideren of op te sluiten.
De harde repressie is een directe reactie van de regering om de groeiende roep om het aftreden van minister Juan Edghill (Openbare Werken) en minister Deodat Indar de kop in te drukken. Het volk pikt de corruptie en het stilzwijgen van president Ali over de meer dan 103 dodelijke slachtoffers van de scheepsramp niet langer. Nu de maritieme autoriteit MARAD onder zware druk een internationale aanbesteding heeft moeten openen om het wrak te lichten, probeert de regering met alle mogelijke middelen te voorkomen dat forensisch bewijsmateriaal over de fatale overbelading op straat belandt.
Angst voor rancune smoort openlijk protest
Terwijl de Guyanezen in het land zelf grotendeels lamgeslagen zijn door angst voor economische rancune, het verliezen van hun banen of fysieke represailles, is het de diaspora die internationaal alarm slaat. Zij vergelijken de huidige situatie met historische dictaturen in de regio en waarschuwen dat de enorme offshore olierijkdommen momenteel worden misbruikt om een autoritair regime te financieren en te bewapenen. De weigering van de regering om democratische verantwoording af te leggen en de inzet van bulldozers en oproerpolitie tegen de eigen inheemse bevolking, bewijzen volgens politieke analisten dat het democratische masker van Irfaan Ali definitief is afgevallen.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten