VERKIEZINGKOORTS
Elke Surinamer kent het ritme van de politieke klok. Zodra de verkiezingskoorts stijgt en de podia in de districten worden opgebouwd, kruipen politici in de huid van onverschrokken vaderlandsliefhebbers. Met gebalde vuisten en overslaande stemmen zweren ze trouw aan elke vierkante meter van ons grondgebied. "Geen duimbreed geven we toe!" en "Tigri is van ons en we gaan het terughalen!" galmt het dan door de luidsprekers.
Het volk, gedreven door oprechte liefde voor het land, juicht de leiders toe. De emotie wordt vakkundig bespeeld; het nationale sentiment wordt misbruikt voor electoraal gewin. Maar zodra de stemmen zijn geteld, de pluche stoelen zijn bezet of wanneer politici als officiële vertegenwoordigers naar het buitenland reizen, ondergaan deze zelfde leiders een magische metamorfose. De vurige krijgers veranderen plotseling in de meest fluwelen diplomaten die de wereld ooit heeft gekend. Ineens lijken de brandende nationale kwesties van de politieke radar te zijn verdwenen.
Het fenomeen Jenny Simons: Hard aan de kantlijn, muisstil aan de tafel
Een treffend en actueel voorbeeld van deze politieke gedaanteverwisseling zien we bij NDP-leider Jennifer Geerlings-Simons. Aan de kantlijn en op de partijpodia hoorden we haar de afgelopen jaren luidkeels ageren tegen de misstanden in de goudsector en hameren op de noodzaak om te strijden voor het Tigri-gebied. Maar hoe diep zit die strijdvaardigheid werkelijk als de camera's van de wereld op haar gericht zijn?
Recentelijk voerde Simons zowel digitale als persoonlijke gesprekken met de Guyanese president Irfaan Ali. Het resultaat? Over het bezette Tigri-gebied werd in alle talen gezwegen. Geen enkele kritische noot, geen herinnering aan onze soevereiniteit; de harde taal bleef achter in Paramaribo.
Dezelfde selectieve amnesie zagen we tijdens haar officiële bezoeken aan de regio. In Brazilië repte Simons met geen woord over de verwoestende, illegale goudwinning door garimpeiro's die onze natuur vernietigen, onze binnenlandbewoners beroven en het milieu vergiftigen met kwik. En tijdens haar reis naar de Dominicaanse Republiek werd er angstvallig gezwegen over de harde realiteit van Dominicaanse vrouwen die in Suriname in de illegaliteit en de prostitutie belanden. Aan de borreltafels in het buitenland regeert de diplomatieke etiquette, terwijl de Surinaamse kiezer thuis met de gebakken peren blijft zitten.
De harde historische en juridische realiteit
Dit gedrag legt een dieper, systemisch probleem bloot. Waar hoogwaardigheidsbekleders in het verleden nog trots de gouden speldjes droegen met de volledige, grondwettelijk vastgestelde kaart van Suriname – inclusief de Tigri-driehoek – zie je die symbolen vandaag de dag amper meer. Zelfs op Google zweeft de burger in een digitale identiteitscrisis tussen een kaart mét en een kaart zonder Tigri.
De angst om de werkelijkheid te benoemen is juridisch geworteld. Sinds Guyanese troepen op 19 augustus 1969 de Surinaamse post Kamp Tigri militair overrompelden, is er sprake van een de facto bezetting. Achter de schermen weten politici, mede door adviezen van juristen en grenscommissies onder leiding van zwaargewichten als Mr. dr. Hans Lim A Po, dat blindelings naar een internationale rechter stappen gevaarlijk is. Omdat Guyana er al meer dan vijftien jaar het feitelijke gezag voert, is het risico levensgroot dat Suriname het gebied bij een internationaal vonnis definitief verliest.
Misbruik van het volk
Dit is precies waar de politieke misleiding omslaat in moreel verraad. Politieke leiders van alle partijen weten donders goed hoe complex de realiteit is. Ze weten dat de grote belangen in de olie- en gassector en regionale diplomatieke banden zwaarder wegen dan een grensconflict of het aanpakken van grensoverschrijdende criminaliteit.
Dat zij kiezen voor economische en diplomatieke stabiliteit is een geopolitieke afweging waarover te debatteren valt. Maar dat zij het volk vóór de verkiezingen willens en wetens voorliegen – alsof zij de helden zijn die de misstanden morgen wel even gaan oplossen – is puur populisme. Ze misbruiken de oprechte bezorgdheid en vaderlandsliefde van de Surinaamse burger om stemmen te winnen, om vervolgens in het buitenland de lippen stijf op elkaar te houden.
Tijd voor eerlijkheid
Suriname verdient leiders die consistent zijn. Als de strategie is om via de weg van de lange adem en diplomatieke plooibaarheid te manoeuvreren, wees daar dan eerlijk over tegen het volk. Stop met het opjutten van de samenleving op de politieke podia als de moed ontbreekt om diezelfde taal te spreken tegen Irfaan Ali of de machthebbers in Brasilia.




Geen opmerkingen:
Een reactie posten